Stationsplein

Patricipatiekloof

Door Kees Bakker op woensdag 12 december 2018 17:00
  • ignore touch

    © NDC/ Egbert Voerman

mail pinterest

Dronten - Ofschoon het modewoord in de politiek vandaag de dag ‘participatie’ is, zie je toch regelmatig boze bewoners in de raadszaal van het gemeentehuis de gemeenteraad toespreken. Als de politiek zo hard haar best doet bewoners bij plan- en besluitvorming te betrekken, hoe kan dat dan?

Het heeft deels te maken met communicatie. De gemeente is gewend op een bepaalde manier te communiceren, maar dat is niet altijd de manier die bewoners begrijpen. Het heeft ook deels te maken met het feit dat een wethouder of ambtenaar bij planvorming die plannen voorlegt aan een vertegenwoordiging van een bepaalde doelgroep, maar die vertegenwoordiging kennelijk niet altijd namens (een meerderheid van) die doelgroep praat. Kijk maar naar het recente plan van de verplaatsing van de markt: de wethouder gaat af op informatie van de marktcommissie, maar die lijkt niet namens een meerderheid van de markt te spreken.

Gelijk krijgen

Het heeft ook te maken met het feit dat in allerlei discussies vandaag de dag bewoners niet bereid lijken te zijn te bewegen. Ze willen gelijk krijgen, en als ze dat niet krijgen, wordt er niet naar ze geluisterd, is hun gevoel. Kijk naar de Zwarte Pietendiscussie, kijk naar de Oostvaardersplassen, kijk naar Lelystad Airport: standpunten verharden zich. Voor- en tegenstanders zetten de hakken in het zand, zijn niet tot compromissen bereid en willen maar één ding: gelijk krijgen. Punt.

Windplan Groen

Je ziet het ook bij de discussie over Windplan Groen. Bewoners voelen zich ‘boos, gefrustreerd en niet serieus en in de maling genomen’, zo verwoordde de voorzitter van de Vereniging van Eigenaren van Ketelhaven het donderdag. Er wordt niet naar ze gekuisterd. Dat laatste is niet waar: van de twee molens die op 900 meter afstand van Ketelhaven zouden komen, is er eentje geschrapt. De andere molens komen steeds 500 meter verder te staan van. En die 900 meter is al twee keer de wettelijk voorgeschreven afstand tot een woonkern van 450 meter. Verder worden er maatregelen genomen tegen het geluid en het knipperende licht op de molen.

Kortom: er wordt wel geluisterd, maar die bewoners willen helemaal geen windmolens in de buurt. En zo lang er nog wel één in de planning staat, hebben zij dus het gevoel dat er niet naar ze wordt geluisterd.

Van de politiek mag er verwacht worden dat ze belangen afwegen en dat weloverwogen doet. Maar de politiek wil ook naar de inwoners luisteren. En die twee zaken combineren levert menigmaal een kloof op die gewoon niet valt te dichten.